|
Hoe ontstaat een poollicht?
Dit heeft te maken met geladen deeltjes in het heelal.
De aardmagnetisme trekt deze geladen deeltjes aan en komen uit op de zuid- en/of noordpool.
Ze dringen de atmosfeer binnen met hoge snelheden waardoor er energie vrij komt (botsing door stikstof- en zuurstofatomen).
Hierdoor krijg je de gloed.
|
|
Poollicht heeft de grootste kans om zich te vertonen wanneer er veel activiteit op de oppervlakte van de zon zich voordoet.
Iedere 11 jaar zorgt zo’n verhoogde activiteit dat er poollichten ontstaan. Radiofrequenties en radiozenders worden hierdoor voor enkele uren verstoord.
|
|
Velen kennen het Poollicht als noorderlicht (aurora borealis) of zuiderlicht (aurora australis). Het is maar net op welk halfrond het verschijnsel zich voordoet, op het noordelijk halfrond of op de zuidelijk halfrond.
|

Poollicht
|
De Engelse militair en sterrenkundige Sir Edward Sabine ontdekte rond 1840 dat er een relatie bestaat tussen het magnetische veld van de aarde en zonnevlekken.
Sabine concentreerde zijn onderzoeken op magnetische stormen. Deze stormen maakten het mogelijk dat naalden van kompassen afweken.
Om dit te kunnen onderzoeken heeft de Engelse regering Sir Edward toestemming gegeven om een netwerk van meetstations te bouwen. Zo heeft Sir Edward ontdekt dat de magnetisch stormen een cyclus hadden van 11 jaar.
|
|
|
|
Het is een fenomeen dat avonds en 's nachts kan worden gezien. Wanneer het poollicht (op hoge geografische breedtes) zichtbaar is zie je een lichte gloed.
Soms is het licht zichtbaar als bewegende bogen, gordijnen van licht of stralenbundels. Soms lijkt het poollicht zelfs een vlammend effect te krijgen.
|
|
De Duitse sterrenkundige Samuel Schwabe bestudeerde dagelijks zonnevlekken.
Samuel concludeerde ook dat er een cyclus bestond van tien à elf jaar.
Sabine en Schwabbe vergeleken hun gegevens en kwamen tot de conclusie dat er een relatie bestaat tussen storingen in het aardmagnetisme en zonnevlekken.
|
|
|